Blog | LiveBuild Profiel: Jaba Wose


10 / 05

LiveBuild Profiel: Jaba Wose

door

Geschreven door Carine Fraanje

 

In Nederland heeft LiveBuild een super inspirerend netwerk van mensen om zich heen verzameld, maar het netwerk van LiveBuild in Kameroen is zeker net zo inspirerend. Maak kennis met Jaba Wose, 39 jaar, directeur van Farming and Animal Husbandry Project. FAHP richt zich op het empoweren van rurale gemeenschappen, met name de vrouwen en jongeren, door middel van duurzame landbouw ontwikkelingsprogramma’s en gezondheidsprogramma’s.

 

“Ik kan er niet tegen mensen te zien lijden. Ik kan dat niet accepteren. Mijn handen gaan ervan jeuken om de situatie te veranderen. En voor je het weet ligt er een projectvoorstel klaar met hóé de situatie kan worden veranderd. Ik handel graag snel. En verwacht dat ook van de mensen om me heen. Dat lukt niet altijd iedereen. Sommige mensen die bij mijn organisatie FAHP komen werken, vertrekken weer als ze doorhebben wat mijn manier van werken is. Ook mijn vrouw moet er soms nog aan wennen. Doordat ik veel doe, ben ik veel weg. Zelfs voor de organisatie van mijn bruiloft ben ik nauwelijks thuis geweest. Ik heb familie en vrienden ingezet om alles te regelen. Pas een week voor ons huwelijk was ik weer terug in Buea. Het heeft mijn vrouw nog zo’n vier maanden gekost om te accepteren dat ik nu eenmaal zo in elkaar zit.”

 

Jaba Wose

Jaba Wose

 

“Daar staat tegenover dat als ik er ben, ik er ook écht ben. Voor mijn familie, en ook voor mijn medewerkers. Ik probeer voor hen als een vriend te zijn. Er werken hier veel jonge mensen, studenten die als vrijwilliger werkervaring op komen doen. Doordat ik zelf geen oudere broers heb, weet ik hoe belangrijk het is om iemand te hebben met wie je je problemen kunt delen en die je advies geeft.”

 

“De eigenschap om direct oplossingen te zoeken voor een situatie heb ik van jongs af aan gehad. Ik ben opgegroeid in een arme gemeenschap. Mijn ouders waren boeren. Ik zag zoveel armoede om me heen en vroeg me altijd af waarom het zo was. Vooral als ik zag hoeveel mensen ziek waren of zelfs doodgingen door relatief kleine kwaaltjes. Waar ik woonde was geen dokter of ziekenhuis. Eén of twee keer per maand kwam er een dokter langs in ons dorp. Kleine kwaaltjes probeerden mensen zelf op te lossen. Dat ging helaas vaak fout. En als je naar het ziekenhuis moest werd je in een truck vervoerd. Ander vervoer was niet voor handen. Zo ontstond mijn droom om dokter te worden.”

 

“Later veranderde die droom. Mijn vader werkte voor Cameroon Development Corporation. CDC had bananen-, palm- en rubberplantages. Ik zag hoeveel mensen werk hadden dankzij dit bedrijf. Door CDC begreep ik dat agriculture niet alleen in voeding voorziet, maar ook hoe groot de impact is als het om werkgelegenheid gaat en stimulering van de economie. Na mijn middelbare school ben ik naar Bambili verhuisd, dat in de North-West regio van Kameroen ligt, om aan het Regional College of Agriculture de opleiding Tropical Agriculture and Community Development te doen. Een combinatie van technische kennis over landbouw en verschillende participatiemethoden om rurale gemeenschappen te ondersteunen bij de implementatie van nieuwe landbouwtechnieken.”

 

“Tijdens mijn studie werd ik ondersteund door mijn oudste zus. Zij was als een moeder voor me, ik kon altijd bij haar terecht. Terwijl ik nog in Bambili woonde, op zo’n dag reizen van Buea, werd ik op een dag wakker en wist ik dat ik naar Buea moest. Ik zou eigenlijk pas drie dagen later gaan en had daar alles al voor geregeld. In die tijd was telefoon nog niet goed beschikbaar. Mensen informeren verliep vrijwel alleen via de post. Hoewel het een heel gedoe was om mijn plan te wijzigen, voelde ik dat ik zo snel mogelijk naar Buea moest. Daar aangekomen hoorde dat ik mijn zus in het ziekenhuis was opgenomen. Nog voor ik daar aankwam is ze overleden. Dit gebeuren is zo’n belangrijk moment in mijn leven geworden. Ik stond er plotseling alleen voor. Ik miste haar als persoon om te helpen, en ik miste de ondersteuning die het mij mogelijk maakte om te studeren. Desondanks heb ik mijn opleiding dat jaar kunnen afronden. Mijn huisbaas heeft me nog met een maand huur gematst, omdat ik simpelweg het geld niet meer had.”

 

Jaba Wose

Jaba Wose

 

“Drie maanden na mijn afstuderen heb ik FAPH opgericht. Ik trok de rurale gebieden in, bezocht bijeenkomsten van vrouwengroepen, leerde hen nieuwe technieken voor op hun land en adviseerde hoe ze hun producten beter op de markt konden krijgen. Maar formeel bestond FAHP nog niet. Ik kon dat eerste jaar het bedrag van € 1,50 niet missen om FAPH officieel te registreren als NGO. Ik had het bedrag, hoe klein ook, te hard nodig om te overleven. Pas na een jaar werken lukte dat.”

 

“Tijdens mijn werk in de communities zag en hoorde ik veel en herkende ik de armoede uit mijn jeugd. Ook mijn interesse voor gezondheid kwam weer om de hoek kijken, toen ik werd benaderd om een campagne te gaan leiden gericht op het doorbreken van het stigma rondom AIDS. Zo werd ik peer educator on health. Na de aids-campagne kwamen er campagnes voor preventie van malaria en kanker. Daarnaast heb ik door het werken in de rurale gebieden aandacht voor schoon water gekregen. Er gaan nog steeds zoveel mensen dood, omdat ze geen toegang hebben tot schoon water. Zo ben ik in waterprojecten beland. En met LiveBuild in contact gekomen! Ik was onderweg naar een festival toen ik twee blanke dames langs de weg zag staan. Ik vroeg de taxichauffeur om te stoppen. Het gaf me geen prettig gevoel dat zij daar stonden op dat uur van de dag. Nadat ze ingestapt waren, vertelden ze me wat ze in Buea deden en dat ze op zoek waren naar Jaba. Ze hadden zijn naam en telefoonnummer gekregen van een NGO in Yaounde. Toen ik ze vertelde dat ik Jaba was, wilden ze het pas geloven nadat ze het nummer belden en mijn telefoon daadwerkelijk rinkelde.”

 

“Hoewel ik direct na mijn studie voor mezelf ben begonnen, heb ik het nooit gemist dat ik geen rolmodel heb gehad. Door mijn jeugd had ik een sterke drive om te doen wat ik deed. In het begin werd ik vaak genegeerd door meer ervaren mensen in het veld, die vonden dat ik nog te jong, te klein was. Dat ik te klein ben, krijg ik nu nog wel eens voor mijn voeten. Als mensen voor de eerste keer op bezoek komen bij FAPH, verwachten ze een grote man in een grote stoel en vragen ze steevast aan mij waar de directeur is.”

 

“De toekomst voor FAPH ziet er zonnig uit. We hebben net een wedstrijd gewonnen. Uit veertig inschrijvers heeft een oliemaatschappij ons gekozen om een programma te gaan doen rondom corporate social responsibility. Een mooie beloning voor al ons werk. Als ik terugkijk op de zestien jaar die FAPH nu bestaat, dan kan ik alleen maar tevreden zijn. Ik heb zoveel jongeren gecoacht, van wie een groot deel nu een eigen NGO heeft, die ik in veel gevallen zelfs met eigen geld heb ondersteund. We hebben bovenal zoveel kunnen betekenen voor communities. Ik haal genoeg energie uit mijn werk om nog jaren door te gaan.”

 



comment

 


Tags: